Koolhydraten: dikmaker of brandstof??

Stel je eens voor…

Je stapt in je auto.

Het lampje van de brandstof brandt al een tijdje.

Maar je denkt:

“Ach… ik red het nog wel.”

Dus je rijdt door.

Nog tien kilometer.

Nog twintig.

De auto begint minder soepel te rijden.

Hij reageert trager.

En uiteindelijk…

Kom je stil te staan.

Niemand die dan zegt:

“Die auto moet zich niet zo aanstellen.”

Nee.

Iedereen weet precies wat er aan de hand is.

Er zit geen brandstof meer in.

Maar waarom verwachten we dan wél dat ons eigen lichaam blijft presteren zonder de juiste brandstof?

Ik zie het bijna dagelijks.

Vrouwen die tegen mij zeggen:

“Ik eet bijna geen koolhydraten meer.”

“Ik sla mijn ontbijt over.”

“Ik eet zo min mogelijk, want ik wil afvallen.”

En vervolgens vertellen ze me dat ze:

  • weinig energie hebben;
  • zich moeilijk kunnen concentreren;
  • aan het einde van de middag enorme trek krijgen;
  • en ’s avonds het gevoel hebben dat ze de hele koelkast leeg kunnen eten.

Mag ik je een vraag stellen?

Hoe verwacht je dat jouw lichaam goed kan functioneren als je het niet geeft wat het nodig heeft?

Dat is precies waar het vaak misgaat.

We zijn zó bang geworden voor koolhydraten…

…dat we vergeten zijn waarom ons lichaam ze überhaupt nodig heeft.

En daar wil ik vandaag verandering in brengen.

Want misschien ga ik iets zeggen wat je niet verwacht.

Koolhydraten zijn niet je vijand.

Sterker nog…

Je lichaam kan niet zonder.

Niet omdat je anders niet kunt afvallen.

Maar omdat je lichaam iedere seconde van de dag energie nodig heeft.

Je hart klopt.

Je longen ademen.

Je hersenen verwerken duizenden prikkels.

Je spieren houden je overeind.

Zelfs terwijl jij nu deze blog leest, verbruikt je lichaam continu energie.

En die energie moet ergens vandaan komen.

Binnen mijn FIT-methode begin ik daarom altijd bij dezelfde vraag:

Functioneert jouw lichaam eigenlijk wel optimaal?

Want pas als jouw lichaam krijgt wat het nodig heeft, kun je verwachten dat het ook doet wat jij ervan vraagt.

En precies daarom is het tijd om voorgoed af te rekenen met één van de grootste misverstanden over voeding:

“Van koolhydraten word je dik.”

Laten we eens kijken wat koolhydraten nu écht zijn…

Wat zijn koolhydraten eigenlijk?

Laten we eerst eens afrekenen met een groot misverstand.

Koolhydraten maken je niet dik.

Ja, je leest het goed.

Koolhydraten op zichzelf zijn niet het probleem.

Sterker nog…

Je lichaam heeft koolhydraten nodig.

Misschien denk je nu:

“Hoe kan dat dan? Iedereen zegt toch dat je minder koolhydraten moet eten om af te vallen?”

Dat klopt.

Dat hoor ik ook bijna iedere dag.

Maar laten we eens kijken naar wat koolhydraten nu eigenlijk zijn.

Zie koolhydraten als de benzine voor jouw lichaam.

Wanneer jij de sleutel van je auto omdraait, verwacht je dat de motor direct aanslaat.

Dat kan alleen als er brandstof in zit.

Met jouw lichaam werkt het precies hetzelfde.

Je hersenen…

Je spieren…

Je hart…

Je organen…

Ze hebben allemaal energie nodig om goed te kunnen functioneren.

En één van de belangrijkste energiebronnen daarvoor zijn koolhydraten.

Wanneer je koolhydraten eet, zet je lichaam deze tijdens de spijsvertering om in glucose.

Glucose is eigenlijk niets anders dan brandstof.

Je bloed vervoert die brandstof vervolgens naar de plekken waar je lichaam energie nodig heeft.

Bijvoorbeeld naar je hersenen.

En wist je dat dit veel mensen niet weten?

Je hersenen wegen maar ongeveer 2% van je lichaamsgewicht, maar gebruiken wel ongeveer 20% van alle energie die je lichaam verbruikt.

Dat betekent dat je hersenen de hele dag door energie nodig hebben.

Niet alleen wanneer je sport.

Maar ook wanneer je werkt.

Een gesprek voert.

Een boek leest.

Of deze blog leest.

Je lichaam is dus dag en nacht bezig.

Zelfs wanneer jij op de bank zit.

Zelfs wanneer je slaapt.

En daarom heeft je lichaam ook dag en nacht brandstof nodig.

Waarom voel je je soms zo moe?

Veel vrouwen denken:

“Ik beweeg vandaag bijna niet, dus ik hoef ook bijna niets te eten.”

Maar vergeet één ding niet.

Ook wanneer je achter je computer zit…

Is je lichaam keihard aan het werk.

Je hart klopt.

Je longen halen adem.

Je lichaam maakt hormonen aan.

Je immuunsysteem beschermt je.

Je hersenen verwerken duizenden prikkels.

Al die processen kosten energie.

Dat noemen we ook wel je ruststofwisseling.

Dat is de energie die je lichaam gebruikt om je simpelweg in leven te houden.

Dus ook als je een rustige dag hebt, verbruikt je lichaam nog steeds brandstof.

En wanneer je het die brandstof niet geeft…

Dan merk je dat vaak als eerste aan je energie.

Je voelt je moe.

Je concentratie wordt minder.

Je krijgt later op de dag enorme trek.

En juist daardoor wordt het veel moeilijker om gezonde keuzes te maken.

Dat is precies waarom ik binnen mijn FIT-methode niet alleen kijk naar hoeveel iemand eet.

Ik kijk vooral naar de vraag:

Krijgt jouw lichaam eigenlijk wel wat het nodig heeft om goed te functioneren?

Want pas als jouw lichaam goed functioneert…

Kun je verwachten dat het ook doet wat jij ervan vraagt.

Maar…

Als koolhydraten zo belangrijk zijn…

Waarom worden ze dan toch zo vaak als dikmakers gezien?

Dat leg ik je uit in het volgende hoofdstuk.

Waarom denken zoveel mensen dat koolhydraten dik maken?

Dat is eigenlijk helemaal niet zo’n gekke gedachte.

Want misschien heb jij het zelf ook weleens meegemaakt.

Je besluit om minder brood, pasta, rijst en aardappelen te eten.

Een paar dagen later stap je op de weegschaal…

En je bent ineens 1 of zelfs 2 kilo lichter.

Dan denk je al snel:

“Zie je wel… het waren de koolhydraten!”

Maar…

Dat is niet het hele verhaal.

Wat veel mensen niet weten, is dat je lichaam koolhydraten opslaat als glycogeen.

Zie glycogeen als een energievoorraad.

Je lichaam bewaart die voorraad in je spieren en in je lever, zodat je altijd snel over energie kunt beschikken wanneer je die nodig hebt.

En hier komt iets wat veel mensen niet weten.

Aan iedere gram glycogeen zit ongeveer 3 tot 4 gram water gebonden.

Dat betekent dat wanneer je minder koolhydraten eet, je lichaam eerst een deel van die glycogeenvoorraad gebruikt.

En als die voorraad kleiner wordt…

Verdwijnt ook een deel van het water dat eraan vastzit.

Daardoor kun je in de eerste dagen behoorlijk wat gewicht verliezen.

Maar dat is grotendeels vocht.

Niet ineens kilo’s lichaamsvet.

En dat is precies waarom zoveel mensen denken dat koolhydraten de boosdoener zijn.

De weegschaal gaat omlaag.

Dus krijgt de koolhydraatarme aanpak de eer.

Terwijl je lichaam op dat moment vooral zijn energievoorraad én het bijbehorende vocht aanspreekt.

Dat betekent natuurlijk niet dat er helemaal geen vet verloren wordt.

Maar de snelle daling die veel mensen in de eerste dagen zien, bestaat voor een groot deel uit veranderingen in de vochtbalans.

En dan gebeurt er nog iets.

Zodra je weer een normale hoeveelheid koolhydraten gaat eten…

Vult je lichaam die glycogeenvoorraad weer aan.

En wat gebeurt er dan?

Precies.

Je slaat óók weer water op.

De weegschaal loopt weer iets op.

En meteen denken veel mensen:

“Ik ben weer aangekomen.”

Terwijl je vaak helemaal geen extra vet hebt opgeslagen.

Je lichaam heeft simpelweg zijn brandstofvoorraad weer aangevuld.

En daarom zeg ik altijd:

De weegschaal meet gewicht.

Niet hoeveel vet je hebt.

Dat is een belangrijk verschil.

Maar betekent dit dan dat je onbeperkt koek, snoep, frisdrank en wit brood kunt eten?

Absoluut niet.

Want daar zit juist het verschil waar bijna niemand over praat.

Niet alle koolhydraten doen namelijk hetzelfde in je lichaam.

En precies daar gaat het volgende hoofdstuk over.

Niet alle koolhydraten zijn hetzelfde

Stel je voor dat je een kampvuur wilt maken.

Je kunt beginnen met een paar oude kranten.

Je steekt ze aan…

En binnen een paar seconden heb je een enorme vlam.

Maar net zo snel als het vuur ontstaat…

Is het ook weer verdwenen.

Nu pak je een dik stuk eikenhout.

Dat vat misschien iets minder snel vlam.

Maar als het eenmaal brandt…

Geeft het veel langer warmte.

Dat is precies het verschil tussen enkelvoudige en meervoudige koolhydraten.

Enkelvoudige koolhydraten

Zie deze als de oude kranten.

Ze worden snel verteerd.

Daardoor komt de glucose snel in je bloed terecht.

Je krijgt een snelle energiepiek.

Dat lijkt prettig.

Maar vaak volgt daarna ook weer een snelle daling.

En juist op dat moment krijg je vaak weer trek.

Je kent het misschien wel.

Je eet een koek.

Een paar snoepjes.

Of je drinkt een glas frisdrank.

Heel even voel je je energieker.

Maar niet veel later krijg je opnieuw zin in iets zoets.

Niet omdat je geen discipline hebt.

Maar omdat je lichaam opnieuw om energie vraagt.

Meervoudige koolhydraten

Die kun je vergelijken met het eikenhout.

Ze worden veel langzamer verteerd.

Daardoor komt de energie geleidelijk vrij.

Je bloedsuiker stijgt rustiger.

En veel mensen voelen zich daardoor langer verzadigd.

Je lichaam krijgt als het ware een constante stroom brandstof, in plaats van een korte explosie.

Dat is ook precies waarom ik mijn klanten niet leer om koolhydraten te vermijden.

Ik leer ze betere keuzes te maken.

Denk bijvoorbeeld aan:

✔️ havermout

✔️ volkorenbrood

✔️ zilvervliesrijst

✔️ aardappelen

✔️ zoete aardappel

✔️ peulvruchten

✔️ fruit

✔️ groenten

Dat zijn voedingsmiddelen die, naast koolhydraten, vaak ook vezels, vitamines en mineralen leveren.

Daarmee geef je jouw lichaam niet alleen energie…

Maar ook de bouwstoffen die het nodig heeft om goed te functioneren.

Betekent dit dan dat je nooit meer een stukje taart, koek of een ijsje mag eten?

Natuurlijk niet.

Gezond leven draait niet om perfect zijn.

Het draait om wat je het grootste deel van de tijd doet.

En dat is precies het verschil tussen een tijdelijk dieet…

En een leefstijl die je jarenlang kunt volhouden.

Binnen mijn FIT-methode geloof ik daarom niet in verbieden.

Ik geloof in begrijpen.

Want zodra je begrijpt wat voeding met je lichaam doet…

Wordt het maken van gezonde keuzes ineens een stuk makkelijker.

Dus… moet je koolhydraten eten als je wilt afvallen?

Mijn antwoord is:

Ja.

Maar…

Niet alle koolhydraten.

En…

Niet op ieder moment.

Zie je?

Daar zit precies het verschil.

Afvallen draait namelijk niet om het schrappen van één voedingsstof.

Het draait om het totale plaatje.

Je lichaam heeft koolhydraten nodig.

Net zoals het eiwitten nodig heeft.

Gezonde vetten.

Vitamines.

Mineralen.

En voldoende vocht.

Samen zorgen ze ervoor dat jouw lichaam kan doen waar het voor gemaakt is:

Goed functioneren.

En dat is precies waar veel diëten de fout in gaan.

Ze vertellen je wat je allemaal niet meer mag eten.

Geen brood.

Geen pasta.

Geen rijst.

Geen aardappelen.

Geen fruit.

En eerlijk?

Dat houd je misschien een paar weken vol.

Maar daarna?

Dan komt het oude patroon vaak weer terug.

Niet omdat jij geen discipline hebt.

Maar omdat je lichaam simpelweg vraagt om energie.

En als jij dat signaal wekenlang negeert…

Wordt de verleiding steeds groter.

Daarom geloof ik niet in strengere regels.

Ik geloof in betere keuzes.

En nog belangrijker…

Ik geloof dat je eerst moet begrijpen waarom jouw lichaam doet wat het doet.

Want zodra je begrijpt waarom je lichaam energie nodig heeft…

Waarom je bloedsuiker schommelt…

Waarom je later op de dag zo’n trek krijgt…

Dan wordt gezond eten geen strijd meer.

Dan wordt het een keuze die logisch voelt.

En dat is precies de reden waarom ik de FIT-methode heb ontwikkeld.

Want ik zag steeds hetzelfde gebeuren.

Vrouwen begonnen vol motivatie aan een nieuw dieet.

Ze vielen af.

Kwamen weer aan.

En begonnen opnieuw.

Niet omdat ze te weinig wilden.

Maar omdat ze hun lichaam nooit echt hadden leren begrijpen.

Binnen de FIT-methode beginnen we daarom altijd met de eerste stap:

Het fysieke lichaam.

Want als jouw lichaam niet goed functioneert…

Wordt het ontzettend moeilijk om gezonde keuzes vol te houden.

Eerst zorgen we dat jouw lichaam weer de juiste brandstof, bouwstoffen en voedingsstoffen krijgt.

Pas daarna wordt het veel makkelijker om nieuwe gewoontes op te bouwen.

En dát is precies waarom ik geloof in duurzame verandering.

Niet in een dieet van zes weken.

Maar in een lichaam dat weer energie heeft.

Een lichaam dat goed functioneert.

En een leefstijl die je niet alleen vandaag volhoudt…

Maar ook over vijf of tien jaar.

Dus de volgende keer dat iemand tegen je zegt:

“Van koolhydraten word je dik.”

Weet je dat het antwoord een stuk genuanceerder is.

Niet de koolhydraten zijn het probleem.

Het gaat om welke koolhydraten je kiest, hoeveel je eet, wanneer je ze eet en vooral…

Of jouw lichaam krijgt wat het nodig heeft om goed te kunnen functioneren.

Want daar begint echte gezondheid.

En daar begint ook blijvend resultaat.

Breng je lichaam eerst fysiek in beweging.

Dat is de eerste stap naar duurzame verandering.

Liefs,

Claudia Breda